Het 'Veerhuys' en het 'Poorthuys' staan al eeuwenlang zij aan zij in Leerdam, waarbij het Poorthuys een beetje vergeten lijkt ten opzichte van haar buurman. Reden des te meer om te kijken wat er bekend is over dit huis, wat stond naast de in 1863 afgebroken Veerpoort.
 |
1847-1865, Gezicht op Leerdam, prentmaker: anoniem, drukker: Koninklijke Nederlandse Steendrukkerij van C.W. Mieling Rijksmuseum, doc.nr. RP-P-2019-1238 |
 |
Tekenaar: Cornelis Pronk, Veerpoort tot Leerdam, 1728 Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed |
Het 17de-eeuwse pand heeft een karakteristieke L-vormige plattegrond en is aangebouwd aan de rechterzijde van nummrt 93, het Veerhuis. Tussen de twee ‘poten’ van de L ligt een lage aanbouw met een plat dak.
De oostelijke poot, gericht naar het Hofje, eindigt in een klokgevel van donkerrode baksteen, terwijl de gevel aan de zijde van de Linge is afgewerkt met een vrijwel geheel gepleisterde tuitgevel. In de klokgevel zijn op de eerste en tweede verdieping nog de originele 17e-eeuwse kruiskozijnen te zien. Op de begane grond is de deur iets verplaatst, en het kruisvenster is herbouwd naar het voorbeeld van de verdiepingsvensters. De tuitgevel heeft twee kelderraampjes en vensters op begane grond en verdieping, die in het interieur zijn dichtgezet vanwege het gebruik als museum.
De westgevel is ontpleisterd en laat helderrode 17e-eeuwse baksteen zien, met klezoren in de hoeken, gecombineerd met drie 19de-eeuwse zesruitsvensters. Sporen van oudere vensters zijn nog terug te vinden.
Binnenin liggen op zowel de begane grond als de verdieping balken evenwijdig aan de voorgevel, die de verdiepingen ondersteunen.
 |
Kerkstraat 91-93, 1988, Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed Doc.nr. BT-009495, Tekenaars: J.M. van Es en J.J. Jehee |
Volgens de Schoonrewoerdse amateurhistoricus Reinier van den Berg (1910-1989) heeft het Poorthuys waarschijnlijk oorspronkelijk gediend als wachthuis voor de soldaten die tijdens oorlogstijd de stadspoorten moesten bewaken.
Historicus Dick Haagsman beschrijft in Leven binnen de Leerdammer vrijheid dat zich rechts van de Veerpoort de ‘stadtsstocken’ of gevangenis bevond (onder meer gebaseerd op ORA inv.nr. 1, d.d. 15-4-1615). Deze raakte later buiten gebruik; gevangenen werden daarna in de Hoogpoort vastgezet.
Begin 1800 behoorde het Poorthuys toe aan Theodorus Jan du Bon Brooks (1771-1859), een gepensioneerd kapitein en zijn echtgenote Adriana Magdalena Droogleever (1784-1865), beiden van geboorte Leerdammers, in 1822 gehuwd en wonend in Vianen.
In 1893 wordt melding gemaakt van de verkoop van een woonhuis dat voorheen dienst had gedaan als sigarenfabriek, gelegen aan de zuidzijde van de Kerkstraat, naast het veerhuis waar destijds J.L. van Vliet woonde. Dit perceel B 2206 moet het Poorthuys zijn geweest, maar zo werd het in die tijd nooit meer genoemd.
 |
| De Vijfheerenlanden, 25-3-1893 |
In 1827 was de 21-jarige
Hendrik Theodorus Koppen zijn wijnhandel in Leerdam begonnen. In
1871 richtte hij samen met zijn zoon,
Hendrik Theodorus Koppen jr., een vennootschap op en breidde hij de activiteiten uit met een tabakskerverij.
Het is dus mogelijk dat de sigarenfabriek van Koppens tussen 1871 en 1893 gevestigd was in het Poorthuys.
In het Veerhuis - het pand ernaast - woonde op dat moment veerman Jan Lodewijk van Vliet, ik noemde hem al in de blog over het
Veerhuis. In 1891 liet Van Vliet het Veerhuys verbouwen onder leiding van architect Wiggelinkhuizen.
De Leerdamse ontwerper Floris Meijdam (1919-2011) maakte een prachtige houtsnede van het oude Poorthuys.
In 1947 treffen we Jac. Boekelman & Zn., mandenmaker, aan op het adres Kerkstraat 91. Dit zal zijn geweest Jacob Boekelman (1882-1967) die gehuwd was met Willempje de Koster (1883-1955). Vermoedelijk woonde de familie Boekelman(s) er al in 1936 want in november verhuist (zoon?) A. Boekelmans van De Bilt naar Kerkstraat 91.
 |
De Gecombineerde, 31-12-1946
|
In 1955 overlijdt Willempje de Koster op het adres aan de Kerkstraat. Het pand wordt dan te koop aangeboden; haar man zou jaren later in Zoelen overlijden.
 |
| De Gecombineerde, 18-8-1955 |
In de beeldbank van de Historische Vereniging van Leerdam staat een
foto die in 't Poorthuijs gemaakt zou zijn, misschien van de Leerdamsche Schaakclub?
In 1960 staat het Poorthuys op de agenda van de gemeenteraad van Leerdam. De gemeente overweegt het historische pand, op dat moment eigendom van de heer Van Iersel, aan te kopen.
Van Iersel had het huis enkele jaren eerder (waarschijnlijk van de familie Boekelman) in bouwvallige staat verworven voor 2.500 gulden. Vervolgens investeerde hij aanzienlijk in het pand: een verbouwing van 5.000 gulden, een restauratie die 10.000 gulden kostte en in de drie daaropvolgende jaren nog eens 3.000 gulden aan bijkomende onkosten. In totaal had hij daarmee circa 20.000 gulden in het Poorthuys geïnvesteerd. Voor een bedrag van 22.000 gulden was hij bereid het pand te verkopen.
Burgemeester Den Hollander zette zich krachtig in voor de aankoop. Burgemeester en Wethouders wilden er graag een Oudheidkamer vestigen. Het pand had immers een grote historische waarde: op vrijwel alle prenten van vóór 1700 komt het gebouw voor, en ook Monumentenzorg zou er onderzoek kunnen verrichten.
Toch vonden veel raadsleden de gevraagde som een 'stijf bedrag’. Uiteindelijk werd het voorstel met zes stemmen voor en acht tegen verworpen.
Maar, twee jaar later krijgt de gemeente de kans het pand voor 10.000 gulden aan te schaffen. Het voorstel wordt - zij het met enige argwaan - aanvaard. Zo wordt de gemeente in 1962 eigenaar van het historische Poorthuys en de oude naam wordt weer in ere hersteld.
 |
| De Gecombineerde, 2-7-1960 |
 |
| De Gecombineerde, 20-10-1962 |
Het laatste woord over het Poorthuys was nog niet gevallen in de gemeenteraad toen de begrotingsplannen werden besproken in 1968. De raad was namelijk niet geïnformeerd over de verbouwingskosten die museumconservator Frans Leendert Blom (1913-1973) de afgelopen vier jaren had gemaakt. Gelukkig hoefde Blom deze kosten niet zelf te dragen.
 |
| De Gecombineerde, 15-2-1968 |
 |
Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed Foto: G.J. Dukker, 03-1968, doc.nr. 116.355 |
 |
Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed Foto: G.J. Dukker, 03-1968, doc.nr. 116.354 |
Museum ’t Poorthuijs was inmiddels ingericht en in september 1965 werd het lokale museum officieel in gebruik genomen. Al snel bleek er echter sprake van ruimtegebrek: aan expositieruimte was geen tekort, maar des te meer aan opslagruimte.
Jo Slieker, de binnenhuisvader van het Hofje van mevrouw Van Aerden, was jarenlang sleutelbeheerder van het museum.
 |
| De Gecombineerde, 8-7-1965 |
Over het museum en haar collectie en exposities zal ik in een
aparte blog uitgebreider schrijven.
Museum 'Het Poorthuijs' sluit in 1991. De historische collectie verhuist naar het Oude Raadhuis in de Kerkstraat 18. Daar worden de exposities nog jarenlang voortgezet.
In 1992 wordt de Zuidwal grondig opgeknapt en dit project omvat ook restauratie van het Veerhuis en Poorthuys. De panden krijgen hierna beiden een commerciële bestemming en de bovenverdieping van het Poorthuys wordt verhuurd.
De gemeente maakte bekend dat het bestemmingsplan wordt aangepast, waarna er later een horecagelegenheid op de begane grond in het pand wordt gevestigd.
 |
De Gecombineerde Vijfheerenlanden, 5-10-1990
|
Rond 1993 was in 't Poorthuys een bistro gevestigd.
 |
| De Vijfheerenlanden 20-7-1993 |
 |
| Bron: Wikimedia Commons |
Daarna vonden winkels er onderdak, rond 2016 bijvoorbeeld Auberge de Rêves.
Via deze link is het mogelijk om even naar binnen te gluren.
Aanvullingen? Laat het me weten!
Bronnen:
- Berg. R. v.d., "De oude poorten van Leerdam" in: De Gecombineerde 6-10-1979.
- Blom, Teunis, Bewaarde Schoonheid (2011), pag. 59.
- Groningen, Catharina L. van, De Vijfheerlanden met Asperen, Heukelum en Spijk (1989), pag. 324.
- Haagsman, Dick, Leven binnen de Leerdammer Vrijheid, stadswandeling in de 17e eeuw (2022), pag. 37 en 335.
- Krantenberichten gevonden via Delpher.nl en RAZU.nl.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten