Op weg naar Utrecht begon ik in de bus te lezen in Wij brachten de wildernis tot bloei, Nederlandse immigranten in de Verenigde Staten. Nog voordat de bus Leerdam verliet, kwam ik op pagina 15 een bekende naam tegen: daar werd namelijk de Leerdamse Aafje Overkamp-Kruijt genoemd.
Wie was Aafje?
Zij werd geboren op 6 september 1803 in Heukelum en overleden op 20 april 1903 in Pella, Iowa. (In het boek staat haar naam overigens vermeld als 'Aafje Kruyf-Overkamp', terwijl zij in werkelijkheid Aafje Overkamp-Kruijt heette). Zij was getrouwd op 3 januari 1830 met Gerrit Hendrik Overkamp (15 februari 1808, ’s-Gravenhage – 10 augustus 1894, Pella), huisschilder van beroep wiens woon- en winkelpand ooit in de Kerkstraat in Leerdam gevestigd was. Aafje was een oud-tante van graanhandelaar Cornelis Kruijt.
In mijn blog over de eerste Afgescheiden gemeente van Leerdam kwamen Gerrit en Aafje al eerder voorbij. In de schilderswinkel van Gerrit Hendrik Overkamp en Aafje Kruijt aan de Kerkstraat vonden namelijk de eerste bijeenkomsten plaats van de afgescheiden gemeente na 1834, wat het echtpaar de nodige boetes kostte. Gerrit Overkamp was degene die samen met Pieter Heykoop het kerkgebouw aan de Hoogstraat aankocht.
De ‘afgescheidenen’ waren beducht voor de religieuze verval in Nederland en de economische malaise gaf hen vaak het laatste duwtje om te emigreren. Hoewel Duitsers, Italianen en Ieren in grotere aantallen naar Amerika trokken, maakten in de negentiende eeuw ook veel Nederlanders de oversteek en stichtten daar gemeenschappen met namen als Zeeland en Noordeloos. Onder hen was een groepje 'afgescheidenen' uit Leerdam. Net als veel van hun kerkgenoten vertrok de familie Overkamp in 1847 samen met predikant Scholte naar Pella, Iowa, Verenigde Staten, waar zij zich onderdeel werden van de tweede Nederlandse migratiegolf die vanaf 1846 op gang kwam.
In 1976 vierden de Verenigde Staten hun 200-jarig bestaan als federale staat. Op 6 juli bood koningin Elizabeth II in Philadelphia namens het Britse volk een replica van de Liberty Bell aan, met de tekst Let Freedom Ring. De Dutch International Society, een club van immigranten met Nederlandse wortels, gebruikte dit bijzondere moment om hun band met het nieuwe vaderland zichtbaar te maken via kunst. Ze gaven de opdracht aan de schilder Chris Stoffel Overvoorde (1934–2019) uit Grand Rapids.
Overvoorde maakte vier schilderijen, elk met een episode uit de Nederlands‑Amerikaanse geschiedenis, waarin belangrijke personen centraal staan in een tijdsgetrouw landschap. Diezelfde vier werken werden aangeboden aan president Gerald R. Ford en zijn nu onderdeel van de collectie van het President Ford Museum in Grand Rapids. Op één van deze schilderijen zien we, tweede van links vooraan, de uit Leerdam afkomstige koloniste Aafje. Ze emigreerde op 44-jarige leeftijd, werd uiteindelijk 99 jaar oud en gezien als een van de emigrantenmoeders:
![]() |
Pagina van het boek 'Wij brachten de wildernis tot bloei' |
![]() |
| Gerrit H. Overkamp en Aafje Kruyt |
![]() |
| The Pella Blade, 14-8-1894 |
![]() |
| The Pella Chronicle, 29-4-1903 |
- Boersema, Jan en Anthonia Boersema-Bremmer, Wij brachten de wildernis tot bloei. Nederlandse immigranten in de Verenigde Staten. (Atlas Contact, 2025).
- Smits, C., De Afscheiding van 1834, deel 2 (1974) via: Dbnl.org





