Posts tonen met het label Kerkstraat. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Kerkstraat. Alle posts tonen

25 februari 2026

Museum 'Het Oude Raadhuis' aan de Kerkstraat 18 (1991-~2012)

 


De vorige blog eindigde met de verhuizing van de collectie van museum ’t Poorthuis naar het Oude Raadhuis aan de Kerkstraat 18. In 1988 was het officiële gemeentehuis verplaatst naar het Reilingplein, waardoor het voormalige gemeentehuis – sindsdien bekend als het ‘Oude Raadhuis’ – vrijkwam.


Foto: G.J. Dukker, 30-03-1988,
Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed, doc.nr. 310.001
 
Foto: G.J. Dukker, 30-03-1988,
Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed, doc.nr. 310.014
Foto: G.J. Dukker, 30-03-1988,
Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed, doc.nr. 310.004







































In de zestiende eeuw bezat Leerdam een stadhuis aan de Markt. De gevel was rijk uitgevoerd, met topgevels in Hollandse renaissancestijl (zie Van de Berg, Leerdam in de gouden eeuw, 101). In de achttiende eeuw werd het afgebroken. 

Een nieuw raadhuis liet vervolgens op zich wachten: pas in de negentiende eeuw werd deze functie ondergebracht in het 17e eeuwse woonhuis aan de Kerkstraat 18 met het naastgelegen pand nummer 16. 

Het herenhuis werd aangekocht van de vroegere burgemeester Theodorus Bijmholt en in 1832-1833 ingericht als raadhuis. Op het dak  zou de klokkentoren met de luidklok uit het afgebroken stadhuis zijn geplaatst. Deze heeft de inscriptie 'Anno 1716. Leerdam. Me fecit Ian Albert de Grave. Amstelodami.'

In 1852 werd het pand verbouwd en aangepast voor de functie 'gemeentehuis'. De bovenverdieping bleef nog tot in de twintigste eeuw in gebruik als woning (o.a. voor de familie Roldanus) en deed daarnaast dienst als lesruimte voor een schoolklas.

Al in 1934 klonk er kritiek op deze locatie. Voor een gemeente als Leerdam vond men het gebouw weinig passend: het oogde sober en was bovendien onpraktisch. Alleen de burgemeesterskamer, met het beschilderde behang, had nog enige uitstraling (Van Gent, 425). Eind achttiende eeuw waren rijk beschilderde behangsels en gebeeldhouwde deuren in het pand aangebracht, allemaal in Lodewijk XVI-stijl, en de plafonds van de gangen en kamers waren bovendien voorzien van stucwerk.


Het karakteristieke monumentale pand aan de Kerkstraat 18 bood beduidend meer ruimte voor het musuem. Met hernieuwd enthousiasme en vol vertrouwen werd de nieuwe locatie dan ook in gebruik genomen na een verbouwing. Helaas werd deze verbouwing zo grondig uitgevoerd dat het antieke decoratieve geschilderde behang is zoekgeraakt! Dat moet een pijnlijke tegenvaller geweeset zijn voor onze historie minnende ‘Vrienden van Leerdam’.

________________


Hieronder plaats ik krantenberichten van gehouden exposities - en berichten van de nogal eens wisselende museumdirecteuren. Dit geeft geen compleet beeld maar geeft een goede indruk van het reilen en zeilen van het museum. 

In het beeldarchief van de Historische vereniging vond ik ook een aantal foto's van het museum.


Bas Kreuger wordt in 1990 de coördinator van museum, toerisme en Leerdam-promotie:


De Gecombineerde 21-3-1990
De Gecombineerde 2-11-1990



































De Gecombineerde 25-6-1990























De Gecombineerde 28-11-1990

































Kort voor de opening breidt het museum zijn collectie uit met vijftien pastel-schilderijen van Herman Heijenbrock. In zijn werk legde Heijenbrock scènes vast uit de glasfabriek, waarbij hij op een voor die tijd unieke manier de arbeider centraal stelde.


De Gecombineerde 7-12-1990
























Op 20 april 1991 werd het museum geopend:


De Gecombineerde 22-4-1991























In 1991 neemt coördinator van het Oude Raadhuis Bas Kreuger afscheid. 


De Gecombineerde 5-7-1991

























Eind 1991 staan fotograaf Cor de Kock en 'Ons Glas' centraal in de Oude Raadhuis-tentoonstellingen:



De Gecombineerde 13-9-1991
Algemeen Dagblad 20-9-1991























De Gecombineerde, 14-10-1991
De Gecombineerde 18-10-1991














Gorcumse Courant 4-12-1991

































Ondertussen wordt een expositie voorbereid over nutsbedrijven. Het is mij niet bekend of deze expositie daadwerkelijk is gerealiseerd.


De Gecombineerde, 23-10-1991















In de gemeenteraad wordt een bijzonder onderwerp behandeld in december 1991. Waar zijn de stoelen van Leerdams vroegere burgemeester Rudolf Mees gebleven? Deze waren geschonken aan het museum maar blijken verdwenen. 


De Gecombineerde 20-12-1991



























Mevrouw Maria Pietronella Lenselink-Papenhuijzen (1902-1988) exposeerde in 1992 met miniatuurhoeden. Jarenlang runde zij een winkel met dameshoeden en shawls in Leerdam. 


De Gecombineerde, 15 april 1992
Algemeen Dagblad 28-2-1992













Later dat jaar stond 'schilder van de arbeid' Herman Heijenbrock centraal.


Algemeen Dagblad 10-7-1992







Werken van schilderes Wil van Andel-de Jong sierden daarna de muren van het Oude Raadhuis:


De Gecombineerde 5-8-1992



















In december 1992 vertrekt Bert Campagne als museumdirecteur en er wordt een vervanger gezocht. 


De Volkskrant 24-10-1992



















In 1993 wordt een nieuwe directeur benoemd voor het Leerdamse museum: Marjan Boomstra

Het Kontakt 19-1-1993




































Drie oude sabels van de Leerdamse politie worden toegevoegd aan de museumcollectie:


Onbekend, 24-3-1993















In 1993 stonden exposities op het programma van keramist Maria Kroese, schilder Arie Wols met Too Hot to Handle, schilder Ernst Löwensteyn, Ria Fortuijn met textielapplicaties en schilder Thea Schölzel.


Algemeen Dagblad 16-4-1993
Algemeen Dagblad 28-5-1993











De Volkskrant 30-7-1993
Algemeen Dagblad 27-8-1993






Algemeen Dagblad 31-12-1993
















In 1994 wordt "Boom = Beeld", een manifestatie in Varsseveld belicht. 



Algemeen Dagblad 15-7-1994
Algemeen Dagblad 30-6-1994
 














Met werk van Floris Meijdam en Wil van Herpen wordt in 1995 een dubbelexpositie ingericht:


De Vijfheerenlanden, 13-6-1995






In 1995 is er expositie over de Tweede Wereldoorlog in het Oude Raadhuis:


Het Kontakt Vianen, 2-5-1995






















De winter van 1995-1996 krijgt ook een winters thema: schaatsen krijgen alle aandacht in het museum:


De Vijfheerenlanden, 2-1-1996






















In april 1996 wordt de VVV in het Oude Raadhuis verbouwd. Dat jaar wordt een tentoonstelling rondom het 'Glazen huis' vormgegeven:



De Vijfheerenlanden, 16-4-1996






























In 1997 zijn de expositiethema's: 10 jaar Verenigd Verzamelen en 'Het Drinkglas'. 



Algemeen Dagblad 2-1-1997











Het Kontakt, 2-9-1997










































Bernard Heessen krijgt een expositie aangeboden in het Oude Raadhuis in 1999. 

Een jaar later exposeren Frank Dekkers en Jeroen Hermkens met 'De Plek, schilderijen tussen Lek en Waal'. 


Algemeen Dagblad 17-2-2000








Conservator Rimme Rypkema poseert in het jaar 2000 voor het werk van Nicolaas Bastert als hij in de krant wordt geintverviewd over de expositie 'Vrijsteden in Rivierenland'. 


Het Kontakt, 28-3-2000




















































"Met Copier aan tafel. Ontwerpen voor gebruiksglas" - een expositiethema in 2001:


Algemeen Dagblad 20-9-2001











In 2002 staat 'Kunst en wonen' op het programma. 

'Leerdam Verbeeld' luidt de expositie gehouden in 2003.



Algemeen Dagblad 5-12-2002
Algemeen Dagblad 1-5-2003












In 2003 is er aandacht voor 'Floris Meijdam In Vorm'.

'Quilten aan de Linge' is een expositie in 2005. 




Algemeen Dagblad 03-07-2003
De Vijfheerenlanden, 3-3-2005












'De wereld volgens Valkema' is een expositie in 2005.


Wijks Nieuws / Bunniks Nieuws 19-10-2005




















Van de expositie 'De klepperman, Leerdam in de eerste helft van deze eeuw' (met een affiche met op de voorkant Jas van Gent) is niet duidelijk wanneer deze precies is geweest: 





Rond 2012 (?) moest het museum helaas haar deuren sluiten, waardoor de historische collectie van Leerdam haar vaste, publieke plek verloor. 



In 2013 overlegden B&W van Leerdam met de Historische Vereniging en Syndion over de toekomst van de collectie in het Oude Raadhuis. Verkoop of spreiding van de stukken bleek lastig vanwege schenkingen, praktische bezwaren en een tekort aan personeel. Een deel van de collectie werd al ondergebracht bij andere musea, maar vooral de agrarische voorwerpen bleven opgeslagen op zolder van het Oude Raadhuis.

In 2017 wilde de gemeente opnieuw onderzoeken hoe de collectie toegankelijk kon worden voor het publiek. Hoewel er toegezegd werd dat niets werd geruimd – alleen minder waardevolle spullen werden gedeeltelijk verwijderd – bleven praktische problemen zoals verzekering, aansprakelijkheid en personeelstekort een echte drempel.

Het fysieke museumbestaan kon niet worden hersteld. Als alternatief werd in 2014 een digitale beeldbank opgezet met foto’s van veel museumobjecten. Daarnaast opende de Historische Vereniging een Historisch Informatiepunt in de bibliotheek aan het Dokter Reilinghplein, elke donderdag van 10.00 tot 12.00 uur. Bezoekers kunnen hier informatie over de foto’s van de Collectiebank krijgen en ook zelf foto’s aanleveren, die ter plekke verwerkt worden.

In 2019 kreeg de historische collectie een nieuwe opslagplek in het voormalige ABN-AMRO-bankgebouw aan het Reilinghplein. De collectie werd daar (deels) geïnventariseerd en er werd nagedacht over tentoonstellingsmogelijkheden, onder meer samen met de plaatselijke historische vereniging. Jammer genoeg ligt de collectie sindsdien, weliswaar zorgvuldig ingepakt, grotendeels ongezien en ongebruikt opgeslagen. 

De zorgvuldig bij elkaar gebrachte objecten, ooit bedoeld om te worden bewonderd en beleefd door de inwoners van Leerdam, liggen nu jarenlang stil, buiten het zicht van het publiek. Heel jammer! En tegelijkertijd is het begrijpelijk dat er moeilijke beslissingen moeten worden genomen wanneer bezoekersaantallen structureel achterblijven. Het in stand houden van een tentoonstellingsruimte of museum vraagt om aanzienlijke middelen, organisatie en inzet. 


Het pand aan de Kerkstraat 18 heeft overigens sinds 2012 de naam 'Pand 18' gekregen. Bij deze dagbestedingslocatie van Syndion maken cliënten in het naaiatelier al jaren creatieve producten van stof. In de naastgelegen winkel verkopen zij items zoals slabbetjes, badjassen en naamslingers. 



Bronnen:

  • Berg, R.v.d., Leerdam in de Gouden eeuw, pag. 101-103.
  • Blom, Teunis, Bewaarde Schoonheid (2011), pag. 41.
  • Het Kontakt (Vijfheerenlanden), 'Leerdam denkt na over historische collectie', 10 mei 2013.
  • Het Kontakt (Vijfheerenlanden), 'Op zoek naar plek voor historische collectie', 25 november 2017.
  • Het Kontakt (Vijfheerenlanden), 'Depot Glasmuseum naar ABN AMRO', 10 december 2019.
  • Gent, P.M. van, Leerdam door de eeuwen heen (1937), pag. 425.
  • Groningen, Catharina L. van, De Vijfheerenlanden met Asperen, Heukelum en Spijk (1989), pag. 55-57, 130-131.

23 februari 2026

Het 'Poorthuys' aan de Kerkstraat 91

 

Het 'Veerhuys' en het 'Poorthuys' staan al eeuwenlang zij aan zij in Leerdam, waarbij het Poorthuys een beetje vergeten lijkt ten opzichte van haar buurman. Reden des te meer om te kijken wat er bekend is over dit huis, wat stond naast de in 1863 afgebroken Veerpoort.



1847-1865, Gezicht op Leerdam, prentmaker: anoniem,
drukker: Koninklijke Nederlandse Steendrukkerij van C.W. Mieling
Rijksmuseum, doc.nr. RP-P-2019-1238
































Tekenaar: Cornelis Pronk, Veerpoort tot Leerdam, 1728
Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed





















Het 17de-eeuwse pand heeft een karakteristieke L-vormige plattegrond en is aangebouwd aan de rechterzijde van nummrt 93, het Veerhuis. Tussen de twee ‘poten’ van de L ligt een lage aanbouw met een plat dak.

De oostelijke poot, gericht naar het Hofje, eindigt in een klokgevel van donkerrode baksteen, terwijl de gevel aan de zijde van de Linge is afgewerkt met een vrijwel geheel gepleisterde tuitgevel. In de klokgevel zijn op de eerste en tweede verdieping nog de originele 17e-eeuwse kruiskozijnen te zien. Op de begane grond is de deur iets verplaatst, en het kruisvenster is herbouwd naar het voorbeeld van de verdiepingsvensters. De tuitgevel heeft twee kelderraampjes en vensters op begane grond en verdieping, die in het interieur zijn dichtgezet vanwege het gebruik als museum.

De westgevel is ontpleisterd en laat helderrode 17e-eeuwse baksteen zien, met klezoren in de hoeken, gecombineerd met drie 19de-eeuwse zesruitsvensters. Sporen van oudere vensters zijn nog terug te vinden.

Binnenin liggen op zowel de begane grond als de verdieping balken evenwijdig aan de voorgevel, die de verdiepingen ondersteunen.


Kerkstraat 91-93, 1988, Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed
Doc.nr. BT-009495, Tekenaars: J.M. van Es en J.J. Jehee








































Volgens de Schoonrewoerdse amateurhistoricus Reinier van den Berg (1910-1989) heeft het Poorthuys waarschijnlijk oorspronkelijk gediend als wachthuis voor de soldaten die tijdens oorlogstijd de stadspoorten moesten bewaken.

Historicus Dick Haagsman beschrijft in Leven binnen de Leerdammer vrijheid dat zich rechts van de Veerpoort de ‘stadtsstocken’ of gevangenis bevond (onder meer gebaseerd op ORA inv.nr. 1, d.d. 15-4-1615). Deze raakte later buiten gebruik; gevangenen werden daarna in de Hoogpoort vastgezet.


Begin 1800 behoorde het Poorthuys toe aan Theodorus Jan du Bon Brooks (1771-1859), een gepensioneerd kapitein en zijn echtgenote Adriana Magdalena Droogleever (1784-1865), beiden van geboorte Leerdammers, in 1822 gehuwd en wonend in Vianen.


In 1893 wordt melding gemaakt van de verkoop van een woonhuis dat voorheen dienst had gedaan als sigarenfabriek, gelegen aan de zuidzijde van de Kerkstraat, naast het veerhuis waar destijds J.L. van Vliet woonde. Dit perceel B 2206 moet het Poorthuys zijn geweest, maar zo werd het in die tijd nooit meer genoemd. 


De Vijfheerenlanden, 25-3-1893

















































In 1827 was de 21-jarige Hendrik Theodorus Koppen zijn wijnhandel in Leerdam begonnen. In 1871 richtte hij samen met zijn zoon, Hendrik Theodorus Koppen jr., een vennootschap op en breidde hij de activiteiten uit met een tabakskerverij. 

Het is dus mogelijk dat de sigarenfabriek van Koppens tussen 1871 en 1893 gevestigd was in het Poorthuys. 

In het Veerhuis - het pand ernaast - woonde op dat moment veerman Jan Lodewijk van Vliet, ik noemde hem al in de blog over het Veerhuis. In 1891 liet Van Vliet het Veerhuys verbouwen onder leiding van architect Wiggelinkhuizen. 


De Leerdamse ontwerper Floris Meijdam (1919-2011) maakte een prachtige houtsnede van het oude Poorthuys.













































In 1947 treffen we Jac. Boekelman & Zn., mandenmaker, aan op het adres Kerkstraat 91. Dit zal zijn geweest Jacob Boekelman (1882-1967) die gehuwd was met Willempje de Koster (1883-1955). Vermoedelijk woonde de familie Boekelman(s) er al in 1936 want in november verhuist (zoon?) A. Boekelmans van De Bilt naar Kerkstraat 91. 


De Gecombineerde, 31-12-1946









In 1955 overlijdt Willempje de Koster op het adres aan de Kerkstraat. Het pand wordt dan te koop aangeboden; haar man zou jaren later in Zoelen overlijden. 



De Gecombineerde, 18-8-1955











In de beeldbank van de Historische Vereniging van Leerdam staat een foto die in 't Poorthuijs gemaakt zou zijn, misschien van de Leerdamsche Schaakclub? 


In 1960 staat het Poorthuys op de agenda van de gemeenteraad van Leerdam. De gemeente overweegt het historische pand, op dat moment eigendom van de heer Van Iersel, aan te kopen.

Van Iersel had het huis enkele jaren eerder (waarschijnlijk van de familie Boekelman) in bouwvallige staat verworven voor 2.500 gulden. Vervolgens investeerde hij aanzienlijk in het pand: een verbouwing van 5.000 gulden, een restauratie die 10.000 gulden kostte en in de drie daaropvolgende jaren nog eens 3.000 gulden aan bijkomende onkosten. In totaal had hij daarmee circa 20.000 gulden in het Poorthuys geïnvesteerd. Voor een bedrag van 22.000 gulden was hij bereid het pand te verkopen.

Burgemeester Den Hollander zette zich krachtig in voor de aankoop. Burgemeester en Wethouders wilden er graag een Oudheidkamer vestigen. Het pand had immers een grote historische waarde: op vrijwel alle prenten van vóór 1700 komt het gebouw voor, en ook Monumentenzorg zou er onderzoek kunnen verrichten.

Toch vonden veel raadsleden de gevraagde som een 'stijf bedrag’. Uiteindelijk werd het voorstel met zes stemmen voor en acht tegen verworpen.

Maar, twee jaar later krijgt de gemeente de kans het pand voor 10.000 gulden aan te schaffen. Het voorstel wordt - zij het met enige argwaan - aanvaard. Zo wordt de gemeente in 1962 eigenaar van het historische Poorthuys en de oude naam wordt weer in ere hersteld. 


De Gecombineerde, 2-7-1960
 
De Gecombineerde, 20-10-1962



































































Het laatste woord over het Poorthuys was nog niet gevallen in de gemeenteraad toen de begrotingsplannen werden besproken in 1968. De raad was namelijk niet geïnformeerd over de verbouwingskosten die museumconservator Frans Leendert Blom (1913-1973) de afgelopen vier jaren had gemaakt. Gelukkig hoefde Blom deze kosten niet zelf te dragen.


De Gecombineerde, 15-2-1968
























































Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed
Foto: G.J. Dukker, 03-1968, 
doc.nr. 116.355 




























Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed
Foto: G.J. Dukker, 03-1968, 
doc.nr. 116.354 


































Museum ’t Poorthuijs was inmiddels ingericht en in september 1965 werd het lokale museum officieel in gebruik genomen. Al snel bleek er echter sprake van ruimtegebrek: aan expositieruimte was geen tekort, maar des te meer aan opslagruimte.

Jo Slieker, de binnenhuisvader van het Hofje van mevrouw Van Aerden, was jarenlang sleutelbeheerder van het museum. 




De Gecombineerde, 8-7-1965


















































































Over het museum en haar collectie en exposities zal ik in een aparte blog uitgebreider schrijven. 

Museum 'Het Poorthuijs' sluit in 1991. De historische collectie verhuist naar het Oude Raadhuis in de Kerkstraat 18. Daar worden de exposities nog jarenlang voortgezet. 

In 1992 wordt de Zuidwal grondig opgeknapt en dit project omvat ook restauratie van het Veerhuis en Poorthuys. De panden krijgen hierna beiden een commerciële bestemming en de bovenverdieping van het Poorthuys wordt verhuurd. 

De gemeente maakte bekend dat het bestemmingsplan wordt aangepast, waarna er later een horecagelegenheid op de begane grond in het pand wordt gevestigd. 





De Gecombineerde Vijfheerenlanden, 5-10-1990




















Rond 1993 was in 't Poorthuys een bistro gevestigd. 



De Vijfheerenlanden 20-7-1993
 
Bron: Wikimedia Commons














Daarna vonden winkels er onderdak, rond 2016 bijvoorbeeld Auberge de Rêves. 

Via deze link is het mogelijk om even naar binnen te gluren. 


Aanvullingen? Laat het me weten!


Bronnen:

  • Berg. R. v.d., "De oude poorten van Leerdam" in: De Gecombineerde 6-10-1979.
  • Blom, Teunis, Bewaarde Schoonheid (2011), pag. 59.
  • Groningen, Catharina L. van, De Vijfheerlanden met Asperen, Heukelum en Spijk (1989), pag. 324.
  • Haagsman, Dick, Leven binnen de Leerdammer Vrijheid, stadswandeling in de 17e eeuw (2022), pag. 37 en 335.
  • Krantenberichten gevonden via Delpher.nl en RAZU.nl.