Posts tonen met het label Blok. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Blok. Alle posts tonen

2 mei 2024

Jansje Blok-Meijer (1881-1942), Holocaust slachtoffer uit Leerdam

 

Jansje Meijer ziet het levenslicht op 9 februari 1881 in Gorinchem. Ze is het tweede kind en de eerste dochter van het Joodse echtpaar Meijer Meijer en Elisabeth Ossendrijver. Jansjes vader was geboren in Dodewaard, haar moeder in Gorinchem. 


Nieuwe Gorinchemse Courant, 20-2-1881





Het gezin van Meijer en Elisabeth bestaat uit:

  1. Abraham (1873)
  2. Jansje (1881)
  3. Sophia (1882)
  4. Johanna (1885)
  5. Naatje (1887-1890, zij werd 2 jaar oud)
  6. Hendrika (1890)
  7. Sara (1892)

In 1897 overlijdt op op 51-jarige leeftijd de moeder van Jansje.

Bron: CBG.nl













Jansje vertrekt naar Amsterdam. Op 27 augustus 1919 trouwt de 38-jarige Jansje daar met de dan 37-jarige Lion Blok. Lion is een broer van Rebecca (Betje) Blok en Hijman Blok, over wie ik eerder probeerde een verhaal te schrijven. Hij is in Meerkerk geboren maar woont en werkt al jaren in Leerdam.



Huwelijksakte van Lion en Jansje



























































Na haar huwelijk wordt Jansje op 3 september 1919 in Leerdam ingeschreven. Lion en Jansje gaan wonen op de dr. Abraham Kuiperstraat 19 in Leerdam. Het huis waar zij wonen, is er nu niet meer, de locatie is dichtbij de Jeekelstraat 29. 

Lion was (los) arbeider, glasmaker bij de glasfabriek en werkte later als magazijnbediende.




Lion en Jansje woonden in een van de linkse huizen. Het uitstekende pand is de kruidenierswinkel van Kleppe. Bron foto: Facebook pagina Oud-Leerdam.





























Op 2 januari 1921 worden Lion en Jansje ouders van een dochtertje: Dora, genoemd naar Lions moeder.

Nog in datzelfde jaar wordt op 14 december een tweede meisje geboren: Elizabeth, vernoemd naar Jansjes moeder. Dit kindje overlijdt op 27 december, nog geen twee weken oud. 




In 1931 overlijdt Meijer Meijer, de vader van Jansje in Rotterdam. Hij werd 84 jaar oud.


Dora, de dochter van Lion en Jansje, laat zich in 1938 uitschrijven in Leerdam, zij vertrekt naar Rotterdam. 

Bericht in De Leerdammer van 9-6-1938 waarin staat dat Dora Blok
vertrekt naar de Essenburgsingel 146 B in Rotterdam.














Op 22 juni 1941 overlijdt Lion Blok op de leeftijd van 58 jaar. Hij overlijdt thuis na in het ziekenhuis van Utrecht te zijn opgenomen. Hij wordt als allerlaatste begraven op de Joodse begraafplaats, bij de Oude Begraafplaats aan de Lingedijk, in Leerdam. 


 

Lion Blok op oudere leeftijd, bron: Joodsmonument.nl/nl/page/235344/lion-blok 
en Lions graf in Leerdam, waarop de tekst staat:
"Hier rust Een man met vreugde in zijn leven, de ge'eerde Jehoeda zoon van de ge'eerde Uri Blok en de naam van zijn moeder was Tels Overleden op zondag 27 Sivan van het jaar 5701 T.N.Ts.B.H."
















De Leerdammer, 5-7-1941
























In 1942 verhuist Dora naar Noord-Brabant en neemt daar de identiteit aan van Greetje Verhagen, een boerendienstbode. Het werk is er niet fijn, maar ze vindt via een vriendin werk bij de familie Brouwers. Karel en Soetje Brouwers-Mandemakers wonen met hun vijf kinderen in Sprang-Capelle.

Dora houdt haar ware afkomst verborgen, maar als een andere Joodse onderduiker naar het huis wordt gebracht, besluit ze de waarheid te vertellen. 

De Brouwers accepteren haar en zorgen ervoor dat ze kan blijven. Maar vanwege geruchten over haar afkomst moet ze tijdelijk verhuizen naar Utrecht. Als ze terugkeert, is er nog een andere onderduiker in huis, Salomon Abraham (Saam) Cohen, die zich voordoet als Jan van Wijk. 

Saam blijkt de broer van Harry te zijn, die in 1942 getrouwd is met haar nicht Johanna van Stedum (een dochter van haar tante Hendrika van Stedum-Meijer). 

Dora (alias Greetje) werkt als huishoudster en Salomon (alias Jan) die elektricien is, werkt in de zuivelfabriek. Ondanks de risico's behandelen de Brouwers hen als familieleden en ze worden betaald voor hun werk. Er is een schuilplaats onder de keukenvloer en een ontsnappingsroute naar het huis van Soetjes ouders, de familie Mandemakers. 

Zo komen Saam en Dora door de oorlogsjaren heen. En.. er ontluikt liefde tussen die twee.


Salomon en Dora gaan trouwen. Op 5 april 1945, Sprang-Capelle is al bevrijd, geven ze elkaar het ja-woord. Karel en Soetje zijn getuigen bij hun huwelijk. 



Huwelijksakte van Salomon en Dora Cohen-Blok










































Als grote schaduw over deze dag valt het gemis van de moeders van Salomon en Dora. In hun huwelijksakte staat opgetekend dat hun verblijfplaats onbekend is. Saams vader was overleden net voor de oorlog. Hun beider moeders waren allebei in 1942 vertrokken met een transport met onbekende bestemming.

______________________


Op een dag, voor 17 november 1942, maar de exacte datum is niet vastgelegd, kloppen Duitse soldaten aan bij het huis van Jansje aan de dr. A. Kuiperstraat. Ook haar schoonzus Betje wordt opgehaald. 

Jansje wist dat het moment zou komen. Ze was zelfs tweemaal gewaarschuwd door leden van het verzet, en er was een onderduikplek aangeboden. Ze had geweigerd. Onderschatte ze het gevaar van de deportatie, wilde ze zich schikken in het lot van haar volk, wilde ze juist anderen niet in gevaar brengen?

Het maakt indruk bij de omstanders als Jansje wordt opgehaald.

Iemand schreef op de Facebook-pagina Oud-Leerdam: "Mijn moeder heeft erover verteld. Als buurmeisje gezien en gehoord. Een levenservaring die ze nooit heeft vergeten". 

Iemand anders: "Mijn moeder heeft gezien dat Jansje Blok uit haar huis werd gehaald. Mijn moeder is nooit vergeten hoe Jansje riep naar de buren: 'Help me, help me toch'. Mijn moeder had nog geroepen 'vuile rotmoffen' maar ze moest haar mond houden van mijn opoe. Het stond op haar netvlies gebrand. Ze had het er heel veel over, nooit vergeten, en ik haar dochter nu ook niet."

Als reactie daarop schrijft iemand: "Ik heb daar als jochie van 8 jaar bijgestaan, en jouw moeder dit horen roepen. Ik vond dat heel erg moedig van haar. Ik ben dat ook nooit vergeten."

In een ooggetuigenverslag van Kees van Donselaar staat: "Verder heb ik gezien vanuit de poort in de Dr. Kuijperstraat dat de joodse mevrouw Blok uit haar huis werd gehaald en in een gereedstaande Duitse personenauto werd gestopt. Ik herinner me nog dat gezicht van haar. Voordat ze werd weggevoerd, werd ze nog gekust door mevrouw Versteeg uit de Talmastraat. We hebben haar nooit meer terug gezien."


Jansje en Betje worden meegenomen naar het politiebureau in het oude gemeentehuis aan de Leerdamse Kerkstraat. 

Teunis Blom schrijft in zijn boek Joods Leerdam dat is gezien dat de gemeenteontvanger G. van Hoogdalem de vrouwen koffie gaf en daarbij ruzie kreeg met politie-inspecteur H. Driesen, een NSB-aanhanger. 


Vanuit Leerdam worden beide vrouwen naar kamp Westerbork gebracht, waar ze op 18 november arriveren.


De kaart van Jansje, uit de carthotheek van de Joodse raad, is hier te zien:








Bron foto: https://kampwesterbork.nl/de-stichting/nieuws/item/column-de-westerborkfilm
























Op dinsdag 24 november vertrekken Jansje, 62 jaar oud, en haar 66-jarige schoonzus Betje met een overvolle trein richting Auschwitz in Polen. Het was het 38e transport vanuit Westerbork naar het vernietigingskamp. In die trein zaten 709 Joden, waarvan 103 kinderen.

Drie dagen later, meteen na hun aankomst op 27 november 1942, worden Betje en Jansje in Auschwitz om het leven gebracht.










Het is niet bekend wanneer Dora het nieuws over haar moeder hoort. Maar uiteindelijk is er de zekerheid. Dat ze nooit meer terugkomt. 

Ook van Saams moeder, Rebecca (Bep) Cohen-Gazan, komt het bericht dat ze op 5 maart 1943, op de leeftijd van 50 jaar, is omgekomen in Sobibor. 

De berichten blijven binnenkomen. Saams zus Hennie stierf met haar man en baby in Auschwitz. Zijn broer Harry kwam met zijn echtgenote, die een nicht van Jansje was, om in Sobibor. En zijn jongere broer Johnny werd vermoord in Auschwitz.

Saam en Dora blijken als enige te zijn overgebleven uit hun gezinnen. 

De broer van moeder Jansje en zijn vrouw, haar zussen met hun eventuele mannen, allen vonden zij de dood in Auschwitz of Sobibor. Naast haar ooms en tantes, overleefden ook alle nichten en neven van Dora aan moeders zijde de Holocaust niet. 



De band met het onderduikgezin Brouwers blijft en wordt voortgezet door de volgende generatie, want Saam en Dora krijgen samen drie kinderen.

Yad Vashem erkent Karel en Soetje Brouwers in 1992 als Rechtvaardigen onder de Volkeren.


Het graf van Dora Cohen-Blok te Maastricht














De naam van Jansje Blok-Meijer staat sinds 2005 vermeld op een plaquette, bij het monument aan de Stationsweg in Leerdam.

Voor beide woonadressen van de vrouwen zijn op 1 mei 2018 Stolpersteine neergelegd. Dit steentje, een struikelblok, is een laatste herinnering aan





 

 

Jansje Blok-Meijer

geboren op 9 februari 1881 in Gorinchem

tussen 1919-1942 (23 jaar lang) wonend in Leerdam 

overleden op 27 november 1942 (op de leeftijd van 61 jaar) in Auschwitz

vermoord in de Holocaust 

 

"We hebben haar nooit meer terug gezien" 















Jansje Blok-Meijer op het Holocaust Namenmonument in Amsterdam.
Foto: Heidi Timmer
























@Heidi Timmer


Bronnen:


 

1 mei 2024

Hijman Blok (1879-1942) - huiseigenaar in Leerdam en Holocaust slachtoffer


Hijman Blok is het derde kind en de eerste zoon van Philip Blok (1845-1932) en Doortje Elkus (1850-1918). Hij wordt geboren op 25 april 1879 in Meerkerk. 

Het Joodse gezin Blok verhuist met hun 10 kinderen in 1896, als Hijman een jaar of 16 is, naar Heukelum en een jaar later naar Leerdam. Ze wonen daar aan het adres Bergstraat 100.

Hijman is een broer van Rebecca (Betje) Blok over wie de vorige blog ging: Rebecca (Betje) Blok (1876-1942), een Holocaust slachtoffer uit Leerdam - (in dit verhaal lees je meer over de ouders van Hijman). 


Op 19 januari 1903 wordt slagersknecht Hijman uitgeschreven in Leerdam en vertrekt hij naar 's-Gravenhage. Op 5 juni 1903 laat hij zich weer in de Leerdamse registers inschrijven, om op 4 juli 1903 weer te vertrekken naar Amsterdam. Op 9 april 1904 komt hij vanuit Gouda weer even in Leerdam wonen, om op 4 mei 1904 weer te vertrekken naar Gouda, deze keer wordt bij zijn beroep handelsreiziger neergezet. 


De 25-jarige Hijman trouwt op 3 mei 1905 in Leerdam met de 31-jarige Sophia Gompers, zij was geboren op 29 november 1872 in Gouda als dochter van Isaac Gompers en Lea Sanders. 


handtekeningen van Hijman en Sophia in hun huwelijksakte






Het echtpaar vestigt zich in Rotterdam. Daar worden hun drie kinderen geboren:

  1. Philippus Hijman, 15 maart 1905 
  2. Isaac, 2 december 1906 
  3. Theodora Lea, 28 april 1912


494-03 Archief van de Gemeentesecretarie Rotterdam, afdeling Bevolking: bevolkingsboekhouding van Rotterdam en geannexeerde gemeenten



















In het bevolkingsregister van de familie Blok in Rotterdam zien we dat Hijmans broer Meijer van 1906 tot 1910 bij hen inwoont. 

Hijman Blok wordt papierhandelaar. In Rotterdam heeft hij een drukkerij in papieren zakken die gebruikt worden voor het verpakken van o.a. fruit en koekjes. 

Daarnaast zouden we hem ook vastgoedinvesteerder kunnen noemen. 


Hij laat in 1912 in de Leerdamse Bergstraat een blok met 4 woningen bouwen. Het zijn de huidige adressen Bergstraat 100-106

Aannemer was J.T. Jacobs uit Leerdam voor de aanneemsom van f 5.598,-. 

De Leerdammer, 29-6-1912













Op de muur van huisnummer 104 bevindt zich de eerste steen met de volgende tekst: "De eerste steen is gelegd door Ph.H. Blok Rotterdam den 21 aug. 1912".  

Het zal de dan 7-jarige Philippus Hijman Blok geweest zijn, de oudste zoon van Hijman en Sophia, die deze eerste steen mocht leggen. 

In de beeldbank van de Historische Vereniging Leerdam ontdekte ik deze foto gemaakt door fotograaf G.J. Exaltus:

















We zien hier inderdaad de dan 7-jarige Philippus Hijman Blok. Zou naast hem zijn opa staan, de dan 67-jarige Philip Heijnman Blok? 

De huizen worden openbaar verkocht op 23 maart 1921. Koper is Herman Muilwijk, schilder te Leerdam. Hij betaalt f 9.250,-


 

(Foto's: Heidi Timmer)


In 1918 verkoopt Abraham Nieuwendijk zijn woonwinkelhuis in de Kerkstraat vanwege vertrek uit Leerdam. De openbare verkoop vindt plaats op 28 maart van dat jaar. Koper is de ons bekende Hijman Ph. Blok, koopman te Rotterdam. Hij betaalt er f. 4.650,- voor. De woning is snel daarna te koop of te huur.


De Leerdammer, 20-3-1918





De Leerdammer, 13-4-1918










Hijman Blok bezit ook nog zes huizen aan de Blaasbalg (de huidige Oranje Nassaulaan 10-20). Dit huizenrijtje had hij in 1916 gekocht van Johan Hendrik Karel Gonlag, die ze in 1894 had laten bouwen.

Deze  huizen werden tegelijkertijd geveild in 1931 maar uiteindelijk niet toegewezen. Ze blijven dus zijn eigendom. Zijn zus Betje woonde in een van deze huizen, op nummer 16. 


De Blaasbalg, later Oranje Nassaulaan genoemd. Aan de rechterzijde de huisnummers 10 t/m 20. 






De Leerdammer, 21-3-1931










_____________


Vanaf in elk geval 1913 woont het gezin Blok-Gompers aan de Hofdijk 16 in Rotterdam. Hijman was een contactadres voor een danscursus 'voor Israëlieten uit den netten Burgerstand". Je kon bij hem ook advertenties aanleveren voor het Centraal blad voor Israëlieten in Nederland. Bij het woonhuis was de papierdrukkerij gevestigd. 


Rotterdamsch Nieuwsblad, 14-11-1913


Rotterdamsch Nieuwsblad, 27-11-1915









Rotterdamsch Nieuwsblad, 1-05-1919





Nieuw Israelietisch weekblad, 8-10-1920











Centraal blad voor Israëlieten in Nederland, 7-1-1921



















Het gezin verhuist in de jaren '20 naar de Roo Valkstraat 20 in Rotterdam. 

De drie kinderen van Hijman worden volwassen. De zoons zijn werkzaam in het bedrijf van hun vader.


Rotterdamsch Nieuwsblad, 4-08-1924
 

Rotterdamsch Nieuwsblad, 19-07-1926






Rotterdamsch Nieuwsblad, 22-06-1927


Rotterdamsch Nieuwsblad, 13-10-1927


Rotterdamsch Nieuwsblad, 6-06-1928


Rotterdamsch Nieuwsblad, 17-07-1928







Nieuw Israelietisch weekblad, 11-04-1930


Rotterdamsch Nieuwsblad, 9-4-1934






Rotteredamsch Nieuwsblad, 28-12-1935






Rotterdamsch Nieuwsblad, 19-02-1936






Rotterdamsch Nieuwsblad, 23-03-1936





Rotterdamsch Nieuwsblad, 22-08-1936











Rotterdamsch Nieuwsblad, 13-9-1937


Rotterdamsch Nieuwsblad, 25-08-1938








Rotterdamsch Nieuwsblad, 12-02-1938















Zoon Isaac, van beroep koopman en handelsreiziger, trouwt op 12 december 1928 te Den Haag met Sara Bloemkoper. Ze krijgen twee dochtertjes: Sophia in 1929 en Jacob in 1931.


Nieuw Israelietisch weekblad, 23-04-1926


Nieuw Israelietisch weekblad, 14-12-1928
















Philippus, ook koopman, trouwt op 13 maart 1929 met Clara Turksma in Rotterdam. Ze krijgen op 10 mei 1931 een zoontje: Hijman Philippus, vernoemd naar zijn opa.


Nieuw Isarelietisch weekblad 23-07-1926


Nieuw Israelietisch weekblad, 15-3-1929




Dochter Theodora Lea is kinderverzorgster en daarna verpleegster. Ze werkt in Etten-Leur en de gezondheidskolonie in Rotterdam. Ze trouwt op 13 maart 1940 in Rotterdam met Joseph van Stedum, verpleger van beroep en weduwnaar van haar nicht Sophia Gompers. Ze gaan in Amsterdam wonen aan de Den Textraat 31 - 1 hoog.


Hijman en Sophia zelf wonen ondertussen in Den Haag, aan de Repelaerstraat 54.


De situatie is inmiddels ingrijpend veranderd. De Duitsers zijn Nederland binnengevallen. 

Maatregelen volgen voor alle Joodse inwoners. 

De bezetter vergadert eind 1941 in het geheim over 'die Endlösung der Judenfrage'. 

Deportaties dreigen in 1942. 

Donkere wolken pakken zich samen boven de familie Blok. 


De eerste slachtoffers zijn de 37 jaar oude Philip Hijman (de eerste-steen-legger van het huis aan de Bergstraat in Leerdam) en de 41-jarige Clara. Op 14 oktober 1942 worden zij vermoord in Auschwitz. Hun 11-jarig zoontje Hijman sterft er op dezelfde dag. 


Op 12 december moeten ook Hijman en Sophia op transport vanaf Westerbork. Meteen na aankomst op 15 december 1942 overlijden de dan 63-jarige Hijman en 70-jarige Sophia in concentratiekamp Auschwitz. 


De kaart van Hijman, uit de carthotheek van de Joodse raad, is hieronder te zien:
















Op 25 en 26 januari 1943 komen ook Isaac en zijn vrouw Sara om in Auschwitz, 36 en 38 jaar oud. Hun kinderen, de 13-jarige Sophia en de 11-jarige Jacob overlijden allebei op 7 mei 1943 in Sobibor. 

Tenslotte wordt in Auschwitz op 30 april 1944 ook het leven beëindigd van de 32-jarige Theodora Lea Blok. Haar man, Joseph van Stedum sterft op 44-jarige leeftijd op 28 mei 1945, waarschijnlijk tijdens een dodenmars, ergens in Midden Europa.

Het complete 11-tallige gezin van Hijman en Sophia is tijdens de Shoah omgekomen.







Pas in 1951 worden de officiële overlijdensakten opgemaakt:


0335-01 Ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente 's-Gravenhage,
Serie C, nrs. 1 - 1194, 5 jan. - 5 apr. 1951
















Maar één broer van Hijman, Aäron, had met zijn echtgenote en twee dochters de oorlog overleefd door onderduik. Alle andere nog levende broers en zussen Blok kwamen, net als Hijman, om in concentratiekampen. Evenals hun eventuele partners en kinderen. 

De uitzonderingen:

  • Een kleindochter van Hijmans zus Mina overleefde de oorlog, eveneens door onderduik.
  • Een van de twee zoons van zijn broer Mozes was een Holocaust-overlevende
  • Een dochter van zijn broer Lion overleefde (hierover in de volgende blog meer)
  • De drie kinderen van zijn broer Meijer overleefden (vermoedelijk) ook
  • De zoon van zijn zus Heintje Blok overleefde door onder te duiken.


Er kwamen minimaal 27 familieleden van het gezin Blok om in de Holocaust. 




In augustus 1945 werd het Nederlandse Beheersinstituut opgericht, belast met het opsporen, beheren en eventueel liquideren van landverraderlijk vermogens, vijandelijke vermogens en de vermogens van tijdens de oorlog verdwenen personen, veelal gedeporteerde of ondergedoken Joden. De Stichting Bewindvoering voor Afwezigen was er voor de laatste groep. 

Het archief van de stichting is verloren gegaan, maar het Kadaster heeft informatie over de eigendomsgeschiedenis van de huizen aan de Oranje Nassaulaan die in het bezit van Hijman Blok waren. Deze huizen kwamen uiteindelijk onder beheer van een notaris uit Rotterdam, die op 5 juni 1963 besloot het vastgoed te verdelen via een akte. Het kostte veel tijd om te achterhalen wie de erfgenamen waren. 

Uiteindelijk werd een lijst van 25 personen opgesteld als erfgenamen van deze zes huizen. Een ingewikkelde verdeelsleutel bepaalde ieders deel. Saartje Creveld-West, een van de eigenaren, kreeg de opdracht om binnen zes maanden over te gaan tot verkoop, waarna de uitbetaling van ieders erfdeel uiteindelijk kon plaatsvinden.


De naam van Hijman Blok staat bovenaan op het oorlogsmonument in Meerkerk, gemaakt door Han Savelkoel, dat werd onthuld op 5 mei 2011.


Foto: Gemeente Zederik via Oorlogsmonument.nl












 




 

Ter herinnering aan 

 

Hijman Blok
geboren op 25 april 1879 in Meerkerk
wonend in Meerkerk, Heukelum, Leerdam, Amsterdam, Gouda, Rotterdam en Den Haag
overleden op 15 december 1942 (op de leeftijd van 63 jaar) in Auschwitz
vermoord in de Holocaust 

en zijn oudste zoon 

Philippus Hijman Blok
geboren op 15 maart 1905 in Rotterdam
wonend in Rotterdam
legger van de eerste steen aan de Bergstraat 104 in Leerdam
overleden op14 oktober 1942 (op de leeftijd van 37 jaar) in Auschwitz
vermoord in de Holocaust

en Sophia, Clara, Hijman jr., Isaäc en Sara, Sophia, Jacob, Theodora Lea en Joseph

 

 

 


Epiloog

al wat rest is een muur

veel is het niet

maar het is genoeg

meer hebben we niet nodig

dan een herinnering

zo brengen wij de dagen door

gedachten wekken wij tot leven

zo blijven wij

vertellen verhalen

die niemand hoort

fluisteren laten onze woorden meedragen

door de wind

die langs de muur schuurt

langzaam de stenen wegslijt

maar weten

deze muur zal hier nog zijn

wanneer men ons zal zijn vergeten


Leen Verheyen 



@Heidi Timmer


Bronnen: