26 augustus 2026

Wilhelminakade (~1899-2002), herinneringen aan een verdwenen straat


Wilhelminakade, voor 1922.
Uitgave van J.W. de Veer te Leerdam


















Ook de Wilhelminakade, aangelegd tussen de Meent, Noordwal en spoorlijn, is een van de eerste woningbouwprojecten buiten de gesloopte stadsmuren voor glasfabriekarbeiders.

De Wilhelminakade is in elk geval vóór 1905 aangelegd, waarschijnlijk rond 1899 - als uitbreiding van de Nieuwenhuijzenstraat (zie mijn vorige blog). 

In 1899 werd namelijk een uitbreiding van de Nieuwenhuijzenstraat gerealiseerd voor 22 arbeiderswoningen. Het zou in mijn ogen goed kunnen dat dit later de Wilhelminakade werd. Maar zeker het is het niet; de straat zou uit wel 70 huisnummers gaan bestaan, even en oneven nummer tegenover elkaar. 




De Vijfheerenlanden,
1 februari 1899



















De Wilhelminakade lag direct aan het water, met daarachter het Recht van Ter Leede. Waar nu een drukke weg ligt, liep toen nog een rustig paadje.


De Leerdammer, 16 mei 1906
De hoek Meent/Wilhelminakade










































De Maasbode 18-07-1914














De Leerdammer, 3 september 1921

















Rond 1916 werden, dankzij de beschikbaarstelling van grond en materiaal door de witglasfabriek, school- en kindertuintjes aangelegd langs de Wilhelminakade. Op onderstaande foto zien we Willem de Stigter (1880-1945), onderwijzer aan de Tiendwegschool, met zijn leerlingen.



De zogenaamde "kindertuintjes" voor de Wilhelminakade




















Floralia; algemeen Nederl. advertentie-blad, betreffende tuinbouw,
bloementeelt, boomkweekerij, landbouw, veeteelt, jacht, visscherij
en fruithandel, jrg 37, 1916, no. 44, 03-11-1916

















De Leerdammer, 17 mei 1916






























































Deze foto is genomen vanaf de Stationsweg.
De huizen rechts staan aan de Wilhelminakade.
Op de achtergrond zie je de molen aan de Westwal.


























Tussen parallel aan elkaar gelegen straten Nieuwenhuizenstraat en Wilhelminakade lag een steegje, waarop de achtertuinen van de woningen uitkwamen.






De Leerdammer, 17 september 1936









De Leerdammer, 6 april 1937












De broers Van Weenen poseren in de Wilhelminakade ter gelegenheid van hun 50-jarige werkjubileum bij de glasfabriek. 


De Leerdammer, 30 september 1939























In 1939 waren er soldaten gemobiliseerd in de Nieuwenhuijzenstraat en Wilhelminakade, die zo te lezen een hartelijk onthaal hebben genoten.


De Leerdammer, 14-11-1939
De Leerdammer, 30-11-1939























Nieuwe Tielsche Courant, 23 juni 1945



















Saneringsplan Gemeente Leerdam, februari 1970, uitsnede
Kwaliteitskaart deel bebouwde kom
Regionaal Archief Zuid-Utrecht 594_120789_0001




















































Op bovenstaande kaart uit 1970 is te zien dat de Wilhelminakade bestond uit huisnummers 2-74, bij elkaar 37 adresen. De Nieuwenhuijzenstraat had 70 adresnummers. 





In 1985 worden de huizen opgeknapt. In de krant verschijnt een foto van de Wilhelminakade waar een spandoek met Blauwkade hangt, omdat er blauwe verf wordt gebruikt. 



Een mooie luchtfoto van de wijk van rond 1995-2000 is te zien in het online RAZU-archief. 

In 2002 werden de Wilhelminakade en de Nieuwenhuijzenstraat tegelijkertijd gesloopt. Ruim honderd woningen verdwenen daarmee uit het straatbeeld.

De Nieuwenhuijzenstraat (1897-2002), herinneringen aan een verdwenen straat

 

De Nieuwenhuijzenstraat werd in 1897 door de glasfabriek gebouwd voor haar werknemers. 



De Nieuwenhuijzenstraat gezien vanaf de Stationsweg.
Links zie je de gebouwen van de Leerdamsche Boter- en Kaasfabriek, in 1891 gerealiseerd.
 




De huizen hadden 'een flinke voorkamer, achterkamer, keuken en boven een kamer en droogzolder'. Bouwkundige Aalt van Leer (1843-1921) ontwierp de huizen .

Begin 1897 worden de eerste twintig huizen gebouwd. 



De Leerdammer, 11 november 1896
Leerdamsche Courant, 30 juni 1897





Nog in datzelfde jaar wordt besloten om een nieuw huizenblok van 24 huizen erbij te bouwen. 

De laagste inschrijver bij de aanbesteding voor het hout ten behoeve van de 24 te bouwen arbeiderswoningen in de Nieuwenhuijzenstraat was Van der Meulen te Amsterdam. De levering werd vervolgens aan deze inschrijver gegund.  

De 20 eerdere gebouwde woningen waren getimmerd door de heren Boei en Jakobs en gemetseld door M. de Koster, C. van Meeuwen en A. den Hartog, en zij krijgen ook deze keer de opdracht. 




De Vijfheerenlanden, 26 juni 1897
Leerdamsche Courant, 17 juli 1897





















De Leerdammer, 2 juli 1897


























In 1899 werd er mogelijk nogmaals een uitbreiding van de Nieuwenhuijzenstraat gerealiseerd voor 22 arbeiderswoningen. Het zou in mijn ogen goed kunnen dat dit later de Wilhelminakade (zie volgende blog) werd. De Nieuwenhuijzenstraat bestond op dat moment al uit ten minste 44 huizen 




De Vijfheerenlanden,
1 februari 1899





















De Nieuwenhuijzenstraat werd aangelegd voor arbeiders van de glasfabriek. Glasfabrieken probeerden in perioden waarin zij goede glasblazers nodig hadden, hen vaak met hoge lonen en aantrekkelijke extra’s, zoals gratis huisvesting, aan zich te binden. Ook in Leerdam werden daarom speciaal voor fabrieksarbeiders woningen gebouwd.

Voor de realisatie van deze arbeiderswoningen was op 13 mei 1897 de Maatschappij tot Exploitatie van Onroerende Goederen ‘Leerdam’ opgericht. De vennootschap stond onder leiding van directeur Bernard Thöne, zelf glasblazer. Als commissarissen traden O.H.L. Nieuwenhuijzen, glasfabriekdirecteur, L.K.W. Castens, schoonzoon van glasfabriekdirecteur C. Nortier, en Jan Driessen, meesterknecht bij de glasfabriek, aan.

De Nieuwenhuijzenstraat was dus het eerste bouwproject gerealiseerd door deze maatchappij, en werd vervolgens genoemd naar Otto Hendrik Lambertus Nieuwenhuijzen (1844-1925). Hij was voormalig kapitein der infanterie van het Oost-Indisch Leger, ging in 1878 met pensioen en werd daarna directeur van de glasfabriek en wethouder van Leerdam.


O.H.L. Nieuwenhuijzen (1844-1925)




























Ter gelegenheid van de achttiende verjaardag van koningin Wilhelmina
in 1898 richtten de bewoners van de Nieuwenhuizenstraat
een ereboog op en versierden zij hun straat feestelijk. 



















In het voorjaar van 1900 ontving de gemeenteraad een verzoekschrift van de bewoners van de Nieuwenhuijzenstraat, waarin zij verzochten om twee straatlantaarns. Aan dit verzoek kon echter geen gehoor worden gegeven. De straat was namelijk een zogenaamde ‘particuliere straat’, die eigendom was van de Maatschappij tot Exploitatie van Onroerende Goederen. De verantwoordelijkheid voor het aanbrengen van straatverlichting lag daarmee bij de eigenaar. Om die reden werd het verzoek door de gemeenteraad afgewezen. De bouwmaatschappij mocht de lantaarns wel plaatsen en dit gebeurde in de loop van datzelfde jaar.


De Leerdammer, 7 april 1900
De Leerdammer, 8 september 1897



De Leerdammer, 10 november 1897























Nieuwenhuijzenstraat, maart 1988
Foto: G.J. Dukker
Doc.nr. 268.367
Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed












































Saneringsplan Gemeente Leerdam, februari 1970, uitsnede 
Kwaliteitskaart deel bebouwde kom
Regionaal Archief Zuid-Utrecht 594_120789_0001
















































Op bovenstaande kaart uit 1970 is te zien dat de Wilhelminakade bestond uit huisnummers 2-74, bij elkaar 37 adresen.  De Nieuwenhuijzenstraat had 70 adresnummers. 



In 1985 wordt er 'groot onderhoud' aan de straat gepleegd. 
Rond 1986 bleek dat de gasfabriek het terrein naast de Nieuwenhuijzenstraat behoorlijk had vervuild. Bodemsanering volgde: de vervuilde grond werd afgegraven. 

De straat is inmiddels gesloopt en behoort daarmee tot het verleden — een stukje straatbeeld dat voorgoed is verdwenen. Op de lege plek verrees de nieuwe Vogelsangstraat, waarmee een nieuw hoofdstuk aan de geschiedenis van deze plek werd toegevoegd.

25 augustus 2026

Het Wolvenbosch - van wolvennest tot woonstraat (1905-heden)

 

Al voordat het kleine straatje ‘Wolvenbosch’ werd aangelegd, droeg het gebied die naam al. Op oude kaarten komen we de benamingen Wolvennest en Wolvenbosch tegen.


De naam Wolvennest op een kaart van 1867
van Hugo Suringar te Leeuwarden
34D.79, Nationaal Archief

















Reinier van den Berg (1910-1989) schreef in zijn uitgave over de polder Klein-Oosterwijk dat de naam ‘Wolvenbos’ herinneringen oproept aan de tijd dat er in de Vijfheerenlanden wolven rondzwierven — of, volgens sommigen, verwilderde honden. De grienden, die eens in de vier jaar werden gehakt, vormden een ideale schuilplaats.

In Schoonrewoerd is bekend dat er wolven op het Zand werden gevangen. Mogelijk vond ook op Klein-Oosterwijk een drijfjacht plaats en werden de dieren daar opgespoord. De plek waar ze zich schuilhielden, kreeg dan de naam Wolvenbos, of misschien Wolvennest. Wanneer de naam precies is ontstaan, blijft onduidelijk.


De eerste krantenvermelding die ik kon vinden over het buurtschap, dateert uit 1900, grappig genoeg over een (dame) Vos in het Wolvenbos.


De Leerdammer, 9-8-1900






In 1904 worden de tien arbeiderswoningen van het Wolvenbosch gebouwd. Opdrachtgever was de op 13 mei 1897 opgerichte Maatschappij tot exploitatie van onroerende goederen ‘Leerdam’.

Deze maatschappij stond onder leiding van glasblazer Bernard Thöne. In het bestuur zaten verder glasfabriekdirecteur O.H.L. Nieuwenhuijzen, L.K.W. Castens (schoonzoon van glasfabriekdirecteur C. Nortier), en meesterchef van de glasfabriek Jan Driessen.

De bouw van de woningen paste in een ontwikkeling die aan het einde van de 19e eeuw in heel Nederland op gang kwam. Bouwmaatschappijen verzamelden kapitaal om grond aan te kopen, straten aan te leggen en woningen te bouwen en te verhuren. In Leerdam was de maatschappij tot exploitatie van onroerende goederen ‘Leerdam’ nauw verbonden met de glasindustrie. Goede glasblazers waren gewild en werden met aantrekkelijke voorwaarden, zoals hoge lonen en huisvesting, naar de fabriek gelokt.

In het najaar van 1904 vindt de aanbesteding plaats en de laagste inschrijvers, C. de Coster (Cornelis de Koster?) als metselaar en Cornelis Adrianus Boei (1964-1935) uit Leerdam, krijgen de bouwopdracht. 


Nieuwe Gorinchemse Courant 2-10-1904











Het huizenblok aan het Wolvenbosch kende een bijzonder en nogal ongelukkig begin. Nauwelijks waren de woningen in februari 1905 van dakpannen voorzien, of het splinternieuwe huizenblok stortte met donderend geraas in elkaar. De werklieden waren een uur eerder naar huis gegaan toen omwonenden plotseling een vreselijk gekraak hoorden. Even later was er van het nieuwe huizenblok weinig meer over dan een enorme bouwval.

Al snel bleek dat de 'soliditeit’ van de constructie ernstig te wensen overliet. Zo ontbraken alle stutbalken, waardoor het nog maar net voltooide huizenblok instabiel bleek te zijn.


De Leerdammer, 22-2-1905
De Courant 23-02-1905




Nieuwe Vlaardingsche Courant 25-02-1905













Kennelijk worden de woningen snel weer opgebouwd en de huizen bevolkt. Wel bleef het om de een of andere reden bij één straat. De nieuwe bouwprojecten van de glasfabriek vonden voortaan plaats dichter bij de glasfabriek. 


De Leerdammer, 1-8-1906
Nieuwe Gorinchemse Courant 14-2-1909











De Leerdammer, 3-8-1921
Nieuwe Gorinchemse Courant 24-8-1921









In de jaren '20 heeft het Wolvenbosch een niet al te beste naam. Als er in de gemeenteraad in 1929 gedoe is over de woningbouwvereniging Patromonium, doet een van de raadsleden de uitspraak: "Men moet van de stichting geen Wolvenbosch gaan maken."

In 1935 komt de redactie van De Leerdammer terug op een eerdere opmerking over het ‘beruchte Wolvenbosch’. Kennelijk kampt het buurtschap op dat moment met een hardnekkig negatief imago.


De Leerdammer, 27-3-1935
De Leerdammer, 8-7-1939












Een schaarse foto van het Wolvenbos, oudere foto's heb ik niet gevonden:





In 1951 wordt het woningperceel 'Wolvenbos' verkocht aan een familielid van de eigenaar. Het is mij niet bekend wie de eerdere particuliere eigenaar (na de Bouwmaatschappij) is geweest. 


De Gecombineerde, 16-8-1951










In 1961 schijnen er achter het adres Wolvenbos 146 in Leerdam nog altijd buitenprivaten te zijn geweest.


De straatnaam Wolvenbos bestaat inmiddels officieel niet meer, maar de huizen staan er nog altijd, als een zijtak van de Tiendweg, aan de overkant van de nieuwgebouwde straat met de naam Ferrie in de wijk Broekgraaf.





(foto's: Magda van Driel, 25-08-2026)



In de wandelgangen noemen veel Leerdammers het betreffende Tiendweg-gedeelte nog steeds het Wolvenbos. Boven een ingang in het huizenblok aan de Ferrie is de naam 'Wolvenbos' geplaatst als herinnering aan de naam van het oude buurtschap. 


Bron:

  • Berg, R. van den, De Polder Hoog- of Klein-Oosterwijk, extra nummer van de Historische Vereniging Vrienden van Oud-Leerdam, 1893, pag. 49.
  • Diverse krantenberichten, geraadpleegd via Delpher.nl, RAZU.nl of het Gorinchems archief, genoemd hierboven.