De Nieuwenhuijzenstraat werd in 1897 door de glasfabriek gebouwd voor haar werknemers.
![]() |
| De Nieuwenhuijzenstraat gezien vanaf de Stationsweg. Links zie je de gebouwen van de Leerdamsche Boter- en Kaasfabriek, in 1891 gerealiseerd. |
![]() |
| De Leerdammer, 11 november 1896 |
![]() |
| Leerdamsche Courant, 30 juni 1897 |
![]() |
| De Vijfheerenlanden, 26 juni 1897 |
![]() |
| Leerdamsche Courant, 17 juli 1897 |
![]() |
| De Vijfheerenlanden, 1 februari 1899 |
De Nieuwenhuijzenstraat werd aangelegd voor arbeiders van de glasfabriek. Glasfabrieken probeerden in perioden waarin zij goede glasblazers nodig hadden, hen vaak met hoge lonen en aantrekkelijke extra’s, zoals gratis huisvesting, aan zich te binden. Ook in Leerdam werden daarom speciaal voor fabrieksarbeiders woningen gebouwd.
Voor de realisatie van deze arbeiderswoningen was op 13 mei 1897 de Maatschappij tot Exploitatie van Onroerende Goederen ‘Leerdam’ opgericht. De vennootschap stond onder leiding van directeur Bernard Thöne, zelf glasblazer. Als commissarissen traden O.H.L. Nieuwenhuijzen, glasfabriekdirecteur, L.K.W. Castens, schoonzoon van glasfabriekdirecteur C. Nortier, en Jan Driessen, meesterknecht bij de glasfabriek, aan.
De Nieuwenhuijzenstraat was dus het eerste bouwproject gerealiseerd door deze maatchappij, en werd vervolgens genoemd naar Otto Hendrik Lambertus Nieuwenhuijzen (1844-1925). Hij was voormalig kapitein der infanterie van het Oost-Indisch Leger, ging in 1878 met pensioen en werd daarna directeur van de glasfabriek en wethouder van Leerdam.
![]() |
| O.H.L. Nieuwenhuijzen (1844-1925) |
![]() |
| Ter gelegenheid van de achttiende verjaardag van koningin Wilhelmina in 1898 richtten de bewoners van de Nieuwenhuizenstraat een ereboog op en versierden zij hun straat feestelijk. |
In het voorjaar van 1900 ontving de gemeenteraad een verzoekschrift van de bewoners van de Nieuwenhuijzenstraat, waarin zij verzochten om twee straatlantaarns. Aan dit verzoek kon echter geen gehoor worden gegeven. De straat was namelijk een zogenaamde ‘particuliere straat’, die eigendom was van de Maatschappij tot Exploitatie van Onroerende Goederen. De verantwoordelijkheid voor het aanbrengen van straatverlichting lag daarmee bij de eigenaar. Om die reden werd het verzoek door de gemeenteraad afgewezen. De bouwmaatschappij mocht de lantaarns wel plaatsen en dit gebeurde in de loop van datzelfde jaar.
![]() |
| De Leerdammer, 7 april 1900 |
![]() |
| De Leerdammer, 8 september 1897 |
![]() |
| De Leerdammer, 10 november 1897 |
![]() |
Saneringsplan Gemeente Leerdam, februari 1970, uitsnede Kwaliteitskaart deel bebouwde kom Regionaal Archief Zuid-Utrecht 594_120789_0001 |
















Geen opmerkingen:
Een reactie posten